Koop dit boek op Bol.com

A Fatal Inversion (Barbara Vine)
14 stemmen
Niveau:
GENRE: crime THEMA: relations



Boekbeschrijving

A Fatal Inversion (Barbara Vine)

Het begin

The body lay on a small square of carpet in the middle of the gun-room floor. Alec Chipstead looked around for something to put over it. He unhooked a raincoat from one of the pegs and, covering the body, reflected too late that he would never wear that again.
He went outside to see the vet off.
‘I’m glad that’s all over.’
‘Extraordinary how painful these things can be,’ said the vet. ‘You’ll get another dog, I suppose?’
‘I expect so. That’s really up to Meg.’
The vet nodded. He got into his car, put his head out of the window and asked Alec if he was sure he didn’t want the body taken away. Alec said, no, thanks, really, he’d see to all that. He watched the car move off, up the long sloping lane that in those parts was called a drift, under the overhanging branches of the trees, and disappear round the bend where the pine wood began.

^ Terug naar boven



Algemeen

Nadat Alec en Meg Chipstead een aantal menselijke botten op hun landgoed bij een hondenbegraaf-plaats hebben ontdekt, komen de pers en de politie in actie. Het is 1986. Tien jaar daarvoor was het landgoed het bezit van de jonge student Adam Verne-Smith, die het geërfd had van zijn oudoom. Hij wilde het verkopen; als student had hij er niets aan: het was duur in onderhoud en het lag in Suffolk, te ver weg van Londen voor een arme student. Maar eerst ging hij kijken of er iets kostbaars te halen viel.
In de zomer van 1976 ging hij met zijn vriend Rufus Fletcher en diens vriendin Mary Gage naar het landhuis. Het was een prachtig gelegen, maar zeer onderhoudsgevoelig huis, compleet met bossen, kassen, gazons, een meer en een enorme oprijlaan door het bos, een paar kilometer verwijderd van een klein dorpje. Rufus en Adam verkopen eerst maar wat familiezilver en ze kopen drank en marihuana. Mary Gage gelooft het wel; ze wil hier niet wilde feesten vieren, en ze vertrekt. Dan komt Zosie, een mooi, maar tamelijk labiel en kwetsbaar meisje. Ze is een meisje van de straat; ze steelt alles wat ze maar nodig heeft. De commune – want dat willen Rufus en Adam ervan maken – wordt compleet gemaakt door de Londense Indiër Shiva, een serieuze student en zijn vriendin Vivien, een beetje een macrobiotisch type.
We volgen de levens van Adam, tegenwoordig zakelijk geslaagd met een vrouw en een dochtertje; van Rufus, een succesvolle gynaecoloog, redelijk gelukkig met zijn vrouw en zijn dagelijkse sigaretten en borrels, en van Shiva, arm, maar gelukkig met zijn half-Indische vrouw. Die drie hebben hun zaakjes redelijk op een rijtje. Er knaagt aan alle drie wel iets, iets dat met het verleden in Wyvis Hall te maken heeft. Maar de echte ongerustheid komt pas wanneer de politie langsgaat bij de toenmalige bewoners …

^ Terug naar boven

Boekinformatie

ERK Niveau:
B2

Schrijver:
Barbara Vine (a.k.a. Ruth Rendell)

Jaar van uitgave:
1987

Aantal pagina's:
317

Tijd waarin het verhaal zich afspeelt:
1976 en 1986

Plaats van handeling:
UK, in het graafschap Suffolk bij de stad Colchester

Bijzonderheden:
Een roman in 21 hoofdstukken

^ Terug naar boven


Het boek - onderwerp

IS HET BOEK VOOR JOU INTERESSANT?

De thriller ‘A Fatal Inversion’ is een misdaadverhaal. Maar zoals altijd bij Ruth Rendell/Barbara Vine gaat het behalve om het oplossen van de misdaad ook om het waarom van die misdaad. Daarom worden de whodunits van Rendell ook vaak whydunits genoemd.
Als je houdt van een goed misdaadverhaal is dit een mooi boek voor jou. Barbara Vine verzandt nooit in uitgebreide beschrijvingen en ze houdt de spanning erin. Zelfs wanneer het verhaal gaat over een misdaad die al tien jaar oud is.

WAT MOET JE WETEN?

Het misdaadverhaal ‘A Fatal Inversion’ gaat voor een deel over de wereld van de haves en voor een deel over de wereld van de havenots. Het verschil tussen Engeland was (en is) groter dan in Nederland. Zo horen Adam en Rufus duidelijk thuis in een andere klasse dan de anderen. Ze behoren door hun geboorte tot een bevoorrechte groep: ze gingen naar betere scholen, ze zijn beter opgevoed en ze hebben geen armoede gekend. Zosie en Vivien hebben door hun opvoeding veel minder kansen gehad; dat is nog te merken aan de jonge vrouwen nu. Vivien heeft minder behoefte aan welvaart en weelde en ze gaat er beter mee om dan de middle class mannen. Zosie is een geval apart; zij is als kind waarschijnlijk flink verwaarloosd en dat heeft haar gemaakt tot wie ze nu is: een meisje met weinig scrupules.
Ook een aparte klasse is de Indiër Shiva. Hij is keurig opgevoed, door nauwelijks religieuze ouders die echte Britten van hun kinderen wilden maken. De familie had het goed door heel hard te werken en Shiva krijgt alle kansen om zich nog verder te verbeteren. Shiva heeft een innerlijke beschaving die de andere mannen vaak verbaast en ook irriteert. Maar toch wordt hij niet als volwaardig lid van de commune gezien: hij is en blijft voor hen een Indiër. Ze kennen zelfs zijn achternaam niet eens …


Het boek - Moeilijkheid

DE TAAL

‘A Fatal Inversion’ is niet een erg moeilijk boek om te lezen. De beschrijvingen zijn soms wel uitgebreid, maar er zijn ook de nodige dialogen. De hoofdstukken zijn wel lang, maar ze worden vaak onderbroken door witregels (als het verhaal weer naar een andere tijd of naar een ander karakter gaat).
Het verhaal is nooit erg specialistisch, wat het vocabulaire goed leesbaar houdt. Maar misschien hebben sommige lezers problemen met de natuurbeschrijvingen: er worden vele planten, groenten, bomen en vogels in het verhaal genoemd.

DE TAAL EN HET VERHAAL

De thriller ‘A Fatal Inversion’ is een boek dat qua taal prima te lezen is. Soms zijn de alinea’s lang, soms zijn er weinig dialogen, maar de voortgang van het verhaal is zodanig (spannend) dat je wilt blijven doorlezen. De ontwikkelingen van de karakters door de veranderende situaties is tevens het sterkste van deze roman. De misdaad was niet zo opvallend (niemand merkte er toentertijd iets van), de ‘misdadigers’ lijken hun levens in meer of mindere mate weer opgepakt te hebben; ze zijn gewoon verdergegaan met hun levens en ze hebben een zekere sociale status verworven (met name Adam en Rufus). Maar als we meer te weten komen over de hoofdkarakters, weten we dat zoiets maar schijn is: zowel Adam, Rufus als Shiva zijn getekend voor het leven. Ze hebben minder bereikt dan ze hadden kunnen bereiken, ze zijn verslaafd aan alcohol of nicotine en/of ze zijn diepongelukkig. Dat is de kracht van deze roman.
Op basis van deze eigenschappen is ‘A Fatal Inversion’ een roman met een literair niveau C 4b en een taal-(ERK-)niveau B2.


Schrijfstijl:

Soms is er iets verouderd aan het verhaal. Maar dat is het gevolg van het feit dat dit een roman over de jaren 1976 en 1986 is: verbindingen waren minder goed, het platteland rond Londen was voor een deel nog een rustig platteland, en er was geen mobiele telefoon of computer.


Het boek - het verhaal

Actie:

De belangrijke actie – de misdaad – heeft al plaatsgevonden. Dat was tien jaar geleden. Maar de lezer hoort daar pas in stukjes en beetjes over; in vrijwel elke terugblik van een hoofdkarakter komt de lezer iets meer te weten over deze gebeurtenis.
Echt veel actie is er niet meer in 1986. Wel voelt de lezer dat er iets staat te gebeuren. Hoe kunnen de hoofdkarakters de gebeurtenissen van tien jaar geleden geheim houden en wat doet de politie om achter de waarheid te komen?

Tijd:

Het verhaal begint in 1986. In dat jaar speelt het zich ook voor een groot deel af: we volgen de karakters die wekenlang hebben samengeleefd in een landhuis in 1976. Vanuit het heden wordt de lezer meegenomen naar 1976 en weer terug, met Adam, met Rufus, met Shiva, enzovoort.

Plaats:

Het verleden speelt zich grotendeels af in en rondom het landgoed Wyvis Hall (later door Adam Ecalpemos genoemd), een oud landhuis met veel grond en bos in Suffolk, bij het denkbeeldige dorpje Nunes, in de buurt van Sudbury en Colchester.
De gebeurtenissen van het ‘heden’ spelen zich af in Londen waar de hoofdpersonen van het verhaal toen woonden (en nu nog steeds wonen).

Verhaallijn:

Er is één grote verhaallijn: wie is verantwoordelijk voor die lijken op de hondenbegraafplaats van Wyvis Hall? Maar Barbara Vine zou Ruth Rendell niet zijn als ze niet meer vragen stelde. Vragen die ook beantwoord moeten worden in de loop van het verhaal: wie zijn die Adam, Rufus, Shiva, Vivien en Zosie precies, wat hebben de gebeurtenissen uit 1976 gedaan met de levens van de hoofdkarakters, en wie zijn de schuldigen van dit alles?

Verteller:

Er is een auctoriale verteller. Deze kruipt achtereenvolgens in de huid van Adam, Rufus en Shiva. Op zich zou dat niet zo lastig te lezen zijn, ware het niet dat deze personen in de tijd heen en weer schakelen tussen die fatale zomer van 1976 en het heden van 1986.


Het boek - de karakters

Hoofdkarakters:

De hoofdkarakters van de roman zijn de personen die meespelen in het drama van 1976:
• Adam Verne-Smith: een internationale verkoper van computers. Hij is getrouwd en hij heeft een dochtertje. Hij ziet zijn dochtertje en Zosie als de enige belangrijke liefdes in zijn leven. Voor de rest is hij tamelijk nukkig en vrij ongeïnteresseerd;
• Rufus Fletcher: een gynaecoloog. Hij woont ten noorden van Londen. Hij is getrouwd met Marigold en hij is redelijk gelukkig met hun leven samen. Zijn enige twee ondeugden zijn een nicotine- en een (serieuze maar nog niet uitzichtloze) alcoholverslaving. Hij was de wilde durfal in het landhuis tien jaar geleden;
• Shiva Manjusri: een Brit van Indiase afkomst. Hij woont in een achterstandswijk met veel donkere mensen. Shiva groeide op in een redelijk welvarend gezin; hij was een talentvolle student, die zijn studie technologie wilde opgeven voor medicijnen. Maar na het verblijf op Ecalpemos besluit hij niet verder te studeren;
• Vivien Goldman: de vriendin van Shiva. Ze is half-joods, ze is in een kindertehuis opgegroeid. Ze is erg begaan met het milieu, het spiritualisme, gezond eten en alternatieve geneeswijzen;
• Zosie: zij is ontslagen (ontsnapt?) uit een tehuis waar ze opgroeide (of een baby ter wereld bracht?). Ze hecht totaal niet aan geld en status, maar ze wil wel graag een rijke man trouwen en ze steelt van alles en nog wat van iedereen. Het is vrijwel onmogelijk om de waarheid over haar te weten te komen.

Bijfiguren:

Er zijn redelijk veel bijfiguren (die vooral een rol spelen in het verhaal van ‘nu’, in 1986):
• Alec Chipstead: de landeigenaar. Hij vindt de botten op zijn grondgebied;
• Meg Chipstead: de vrouw van Alec;
• Anne: de vrouw van Adam. Zij weet weinig over Adams verleden;
• Lily: de vrouw van Shiva. Zij had een Indische vader en een Oostenrijkse moeder. Maar ze voelt zich zeer Indisch en ze volgt meer taallessen en godsdienstlessen dan Shiva ooit gedaan heeft. Ze is erg gelukkig met haar echtgenoot en ze weet veel over zijn vroegere leven;
• Marigold: de vrouw van Rufus. Zij weet weinig over het verleden van Rufus;
• Mary Gage: een jeugdvriendin van Rufus (tot hij naar het landhuis ging).


Het boek - verder

Film:

De thriller ‘A Fatal Inversion’ werd door de BBC voor de TV bewerkt.

Overig:

Zie ook andere, Britse misdaadverhalen die zich afspelen in en om landhuizen, zoals sommige romans van P.D. James, Nicci French, Dorothy Sayers, Josephine Tey en Agatha Christie.


^ Terug naar boven


Auteur en Werken

Informatie over Barbara Vine (a.k.a. Ruth Rendell).


^ Terug naar boven

Meer

Leessuggesties:

Als je dit een mooi boek vond, zou je ook kunnen lezen:
• Going Wrong van Ruth Rendell
• I’m the King of the Castle van Susan Hill
• The Ice Twins van S.K. Tremayne

 


Citaat:
All roads led back to Ecalpemos. Whatever he thought of brought him back into the Ecalpemos file which undo and quit keys only briefly expelled from his mind’s screen. Or he had lost the knack of escape.
He was dozing in the armchair but he was awake, he wasn’t dreaming. Zosie was coming across the garden and his hands were red, but with raspberry juice, not blood. (p.148-149)

Vragen over het boek:

1. Waarom heet het boek ‘A Fatal Inversion’? Waarop of op wie is die ‘ inversion’  van toepassing en in welk opzicht was die ‘inversion’ ‘fatal’?
2. Kies twee hoofdkarakters uit het boek (Adam, Rufus, Shiva, Vivien of Zosie) en geef aan – met behulp van fragmenten uit de tekst – in hoeverre hun karakter verandert in de loop van het verhaal.
3. Waarom is de setting van deze roman zo belangrijk? Maak je antwoord duidelijk met behulp van een aantal fragmenten uit de tekst.
4. Waarom zijn de karakters in deze roman zo verschillend voor wat betreft sekse, sociale klasse en origine? Maak je antwoord duidelijk met behulp van een aantal fragmenten uit de tekst.



^ Terug naar boven