Koop dit boek op Bol.com

Blue Dog
1 stemmen
Niveau:
GENRE: growing up THEMA: adventure
Tagged on:                 



Boekbeschrijving

Blue Dog

Het begin

The dirty old Cessna came down on the landing strip, and bounced. The pilot whooped, and took the aircraft up into the air again. He glanced at the pale little boy beside him, and said, ‘Don’t be a worry-wart, mate, it’s just for fun. You don’t get many laughs out here unless you find ’em yourself.’
As the plane banked round for another run, Mick looked out in wonder at the land beneath him. It consisted of brown grass, twisted trees, red rocks and red earth, and pretty much not anything else as far as the eye could see, unless you counted the sea, which sparkled in the distance like a tray of diamonds.
‘Everything’s red,’ said Mick.
‘I’ve brought you to Mars, mate. Thought you’d like some space travel.’
‘You can’t get to Mars in an aeroplane,’ Mick told him, more confidently than he really felt.
‘Jeez, you’re a sharp one. Might as well be on Mars, though. This is the Pilbara. You’ve got to be barmy as a bandicoot to live out here. Even the roos and dingos are barmy. Give me Margaret River any day. It’s lovely down in Albany. It’s stiff bickies you’ve got to live up here.’
‘Port Hedland looked nice,’ said Mick.
‘Well, it is. Got the best fish and chips in the world. Great place if you like fishing. Caught a shark there once, with a roo steak.’

^ Terug naar boven



Algemeen

De vader van Mick is overleden. Zijn moeder is daardoor heel erg in de war geraakt en ze wordt in een tehuis verzorgd. Daarom moet Mick een ander thuis zien te krijgen. En dat krijgt hij: bij zijn opa, de vader van zijn vader, een man die al zijn hele leven in de wildernis van West-Australië woont. Daar komt Mick terecht, op een ‘station’, een plek waar vee onderdak wordt gegeven, waar vroeger een ijzermijn was, en waar nu een aantal stoere kerels bij elkaar woont.
Het werk is simpel maar hard: je eigen kostje bij elkaar scharrelen, terwijl de vijandige natuur overal om je heen dreigt: de woestijn, slangen, wilde honden, stormen en overstromingen. En altijd … de verzengende hitte.
Maar Mick leert het leven op de ‘station’ waarderen: hij kan er rondzwerven, paardrijden, motorrijden, grotten verkennen. En hij vindt er op een dag een jonge hond. Een hond die hem misschien kan helpen om het verdriet om zijn ouders een beetje te vergeten …

^ Terug naar boven

Boekinformatie

ERK Niveau:
B1

Schrijver:
Louis de Bernières

Jaar van uitgave:
2016

Aantal pagina's:
128

Tijd waarin het verhaal zich afspeelt:
1960-1970

Plaats van handeling:
Australië (de Outback van West-Australië)

Bijzonderheden:
Een jeugdroman in 14 getitelde hoofdstukken

^ Terug naar boven


Het boek - onderwerp

IS HET BOEK VOOR JOU INTERESSANT?

De jeugdroman ‘Blue Dog’ is een verhaal over een jongen die elf jaar oud is wanneer het verhaal begint. Het is dus een verhaal over een kind. Maar het is geen kinderachtig verhaal: deze Mick moet het zien te redden zonder ouders, ergens midden in the middle of nowhere, in het ruige klimaat van West-Australië. Hij heeft weliswaar zijn opa en nog een aantal stoere kerels om zich heen, maar eenvoudig is het leven hier niet.
Als je houdt van verhalen over overleven in de ruige wereld van de Australische Outback, dan is ‘Blue Dog’ zeker een goede keus voor jou.

WAT MOET JE WETEN?

De roman ‘Blue Dog’ speelt zich af in de Outback van Australië. Eigenlijk kan dit overal in Australië zijn, mits het maar ergens ver weg van de beschaafde wereld (en ook vaak van de zee) is. Het leven is er hard: er is nauwelijks luxe, meestal weinig water, veel gevaar (giftige slangen, krokodillen, barre weersomstandigheden). De zomers zijn verzengend heet en de stormen (cyclonen) zorgen vaak voor veel schade en overstromingen. De mensen die hier een bestaan proberen op te bouwen zijn avonturiers of mensen die in de beschaafde wereld mislukt zijn; en daarnaast wonen hier ook (al duizenden jaren) de Aborigines, de oorspronkelijke bewoners van Australië.


Het boek - Moeilijkheid

DE TAAL

De woorden en de zinnen in ‘Blue Dog’ zijn vaak heel lastig, met name wanneer je nog niet zo veel Engelse teksten hebt gelezen. Er worden veel typisch Australische woorden gebruikt. Gelukkig staat achterin het boek een uitgebreide woordenlijst met een ‘Glossary of Australianisms’.
De alinea’s en de hoofdstukken zijn over het algemeen kort. Er zijn veel dialogen.

DE TAAL EN HET VERHAAL

De taal van ‘Blue Dog’ is niet gemakkelijk.
Het verhaal is dat wel. Het is een avontuur van een jongen die het niet gemakkelijk heeft: zijn vader is overleden en zijn moeder is lange tijd in de war (zodanig, dat ze niet langer thuis kan wonen). Het verhaal is mooi en ontroerend zonder dat het angstaanjagend spannend wordt. Je krijgt als lezer een goed beeld van de relatie tussen de jongen en zijn opa, tussen opa en kleinzoon en de mannen van de nederzetting (‘station’) en tussen de mensen en de harde natuur.
Op basis van deze eigenschappen is ‘Blue Dog’ een boek met een literair niveau B 2b en een taal-(ERK-)niveau B1.


Schrijfstijl:

De jeugdroman ‘Blue Dog’ is mooi geschreven. Het is een verhaal dat je wilt uitlezen, zonder dat je dat echt met rode oortjes doet. De karakters zijn heel boeiend en, elk op hun eigen manier, heel aandoenlijk.


Het boek - het verhaal

Actie:

De jeugdroman ‘Blue Dog’ is een verhaal met veel actie. Het gaat in de roman vooral om de avonturen die Mick beleeft in zijn nieuwe woonplaats (nou ja, plaats …).

Tijd:

‘Blue Dog’ speelt zich af in de jaren 1960-1970. Erg duidelijk wordt dat niet meteen. Maar de schrijver verwijst naar muziek uit de jaren zestig van de vorige eeuw (The Seekers, Bob Dylan, Tom Paxton), waardoor je zou kunnen concluderen dat het verhaal zich in die tijd zou moeten afspelen. Bovendien zijn er geen snelle verbindingen met de rest van wereld – zoals het Internet of de mobiele telefoon.
Het verhaal wordt chronologisch verteld en het speelt zich af over de periode van een paar jaar.

Plaats:

De setting van ‘Blue Dog’ is de Australische Outback: het achterland van Australië, waar weinig grote steden zijn – en waar al helemaal geen luxe is.

Verhaallijn:

Er is één belangrijke verhaallijn in ‘Blue Dog’: zal Mick gelukkig worden in zijn nieuwe woonomgeving?

Verteller:

De roman ‘Blue Dog’ heeft een alwetende verteller.


Het boek - de karakters

Hoofdkarakters:

De hoofdkarakters in ‘Blue Dog’ zijn:
• Mick Carter: een 11-jarige jongen. Zijn vader is pas overleden en zijn moeder wordt verpleegd (zij is in de war na de dood van haar man). Als het verhaal begint, komt Mick bij zijn opa wonen. We volgen Mick van zijn elfde tot zijn dertiende jaar;
• Granpa Ronald Carter: de opa van Mick. Hij is de vader van Micks vader. Zijn hele leven woont hij al op een ‘mining station’, een bijna verlaten nederzetting in de Australische Outback. Granpa Carter is weduwnaar.

Bijfiguren:

De belangrijkste bijfiguren in ‘Blue Dog’ zijn:
• Jimmy Umbrella: de Chinese kok van de nederzetting. Hij kookt vaak voor Mick en zijn opa;
• Taylor Pete: een Aboriginal, een oorspronkelijk inwoner van Australië (Micks opa noemt hem een ‘blackfella’ – hij discrimineert daarmee niet bewust: hij noemt zichzelf een ‘whitefella’);
• Stemple: een jongeman die vanwege het avontuur in de Outback is komen wonen;
• Sergeant Sam: een zwerver die in het stadje woont waar Mick soms naar toe gaat;
• Miss Betty Marble: een jongedame die Mick onderwijs komt geven.


Het boek - verder

Film:

De jeugdroman ‘Blue Dog’ is niet verfilmd.

Overig:

Louis de Bernières schreef eerst een boek, dat ‘Red Dog’ heette. Toen dat heel succesvol werd en later zelfs werd verfilmd, besloot men dat er een verhaal moest komen dat voorafging aan ‘Red Dog’. Mr de Bernières besloot die prequel te schrijven. Dat werd ‘Blue Dog’.


^ Terug naar boven


Auteur en Werken

Informatie over Louis de Bernières.


^ Terug naar boven

Meer

Leessuggesties:

Als je dit een mooi boek vond, zou je ook kunnen lezen:
That Eye, the Sky van Tim Winton
The Apostle Bird van Garry Disher
Broken Wings van James Roy


Citaat:
Blue got used to being sent out when he was windy, and would sit outside the door whining to be let back in, and raking at it with his forepaw. It would be fair to say that his prowess in the stench department was fast becoming a local legend.
Mick was happy, and the sadness of his father’s death and his mother’s absence was something that mainly afflicted him late at night, if he woke up and had trouble returning to sleep. (p.82)

Vragen over het boek:

1. Waarom vindt de opa van Mick het fijn dat Mick bij hem komt wonen?
2. Welke rol speelt Taylor Pete in het leven van Mick?
3. Waarom is Blue belangrijk voor het verhaal?
4. Heeft het verhaal een happy end? Waarom vind je dat?



^ Terug naar boven