Koop dit boek op Bol.com

Life of Pi
3 stemmen
Niveau:
GENRE: fairy tale THEMA: travel
Tagged on:                     



Boekbeschrijving

Life of Pi

Het begin

My suffering left me sad and gloomy.
Academic study and the steady, mindful practice of religion slowly brought me back to life. I have remained a faithful Hindu, Christian and Muslim. I decided to stay in Toronto. After one year of high school, I attended the University of Toronto and took a double-major Bachelor's degree. My majors were religious studies and zoology. My fourth-year thesis for religious studies concerned certain aspects of the cosmogony theory of Isaac Luria, the great sixteenth-century Kabbalist from Safed. My zoology thesis was a functional analysis of the thyroid gland of the three-toed sloth. I chose the sloth because its demeanour – calm, quiet and introspective – did something to soothe my shattered self.
There are two-toed sloths and there are three-toed sloths, the case being determined by the forepaws of the animals, since all sloths have three claws on their hind paws. I had the great luck one summer of studying the three-toed sloth in situ in the equatorial jungles of Brazil. It is a highly intriguing creature. Its only real habit is indolence. It sleeps or rests on average twenty hours a day. Our team tested the sleep habits of five wild three-toed sloths by placing on their heads, in the early evening after they had fallen asleep, bright red plastic dishes filled with water. We found them still in place late the next morning, the water of the dishes swarming with insects. The sloth is at its busiest at sunset, using the word ‘busy’ here in a most relaxed sense. It moves along the bough of a tree in its characteristic up-side-down position at the speed of roughly 400 metres an hour. On the ground, it crawls to its next tree at the rate of 250 metres an hour, when motivated, which is 440 times slower than a motivated cheetah. Unmotivated, it covers four to five metres in an hour.

^ Terug naar boven



Algemeen

Piscine Molitor Patel (kortweg ‘Pi’ genoemd) woont als jongen met zijn ouders en zijn broer Ravi in de Indiase stad Pondicherry aan de westkust. In Pondicherry heeft zijn vader een grote dierentuin, zo groot dat de toeristentrein zelfs in ‘Zootown’ stopt. Pi leert zwemmen van zijn favoriete oom en hij zwemt als de beste; als eerbetoon aan de oom wordt hij door zijn ouders officieel ‘Piscine’ (= zwembad) genoemd. Een lastige naam die al snel verbasterd wordt tot ‘P. Singh’, of, nog erger, tot ‘Pissing’). Maar Pi onderscheidt zich in de wiskunde en draagt zijn afgekorte naam ‘Pi’ met verve. Hij is een ijverige leerling. Ook op het gebied van de godsdienst is hij bijzonder belangstellend. Zo bekeert de jonge Hindoe zich ook tot het Christendom en tot de Islam. Zijn geloof sleept hem door de grootste moeilijkheden heen.
En het is een moeilijke tijd, dat beseft de vader van Pi maar al te goed. Pondicherry was lange tijd een Franse kolonie, maar in 1954 wordt het ingelijfd bij het onrustige India. En wanneer Indira Gandhi premier van India wordt en wanneer er nog grotere problemen met bevolkingsgroepen en met de teruglopende welvaart komen, neemt vader Patel een drastisch besluit: hij wil met zijn gezin emigreren naar Canada om daar een betere toekomst voor zijn kinderen te kunnen garanderen. Een aantal kostbare dieren uit de dierentuin neemt hij mee, als kapitaalsvoorziening.
Wanneer Pi zijn levensverhaal vertelt aan de verteller, woont hij al jaren in Toronto. Hij is afgestudeerd in biologie en theologie en hij heeft een vrouw en kinderen. Het verhaal is zo wonderbaarlijk dat niemand hem gelooft. De verteller besluit het allemaal op te schrijven.
Als het vrachtschip met de familie Patel en een aantal dieren van de dierentuin aan boord via de Filipijnen koers zet over de Grote Oceaan, lijdt het schipbreuk in een orkaan in de buurt van de Marianentrog. Pi komt in een reddingssloep terecht. Samen met een zebra, een orang oetan, een hyena en een Bengaalse tijger. Deze schipbreukelingen zullen gezamenlijk een lange tocht over de Stille Oceaan moeten afleggen …

^ Terug naar boven

Boekinformatie

ERK Niveau:
C1

Schrijver:
Yann Martel

Jaar van uitgave:
2001

Aantal pagina's:
319

Tijd waarin het verhaal zich afspeelt:
1960-2000

Plaats van handeling:
India (de stad Pondicherry), Canada (Toronto) en de Stille Oceaan

Bijzonderheden:
Een roman in 3 delen (‘Toronto and Pondicherry’, ‘The Pacific Ocean’ en ‘Beniot Juárez Infirmary, Tomatlán, Mexico’) en in totaal 100 hoofdstukken

^ Terug naar boven


Het boek - onderwerp

IS HET BOEK VOOR JOU INTERESSANT?

De roman ‘Life of Pi’ is een modern sprookje, een origineel fantasy-verhaal. Wat hier gebeurt lijkt eerst heel logisch, maar later niet. Toch zul het verhaal moeten uitlezen als je eenmaal begonnen bent. Het gaat namelijk niet alleen maar over onwerkelijke gebeurtenissen, maar ook over een jongen die ondanks alle ellende zijn optimisme – en zijn grote geloof – behoudt.

WAT MOET JE WETEN?

Voor het waarderen van ‘Life of Pi’ heb je niet veel voorkennis nodig. Martel legt duidelijk uit hoe de situatie in India was tussen 1945 en 1977. Verder vertelt hij precies hoe een dier reageert en hoe een mens op een reddingsloep kan overleven. Het enige wat je nodig hebt voor dit verhaal is een groot inlevingsvermogen.


Het boek - Moeilijkheid

DE TAAL

De woorden en de zinnen in ‘Life of Pi’ zijn tamelijk moeilijk, maar goed te begrijpen voor een C1-lezer. Er zijn soms heel lange alinea’s en er zijn – logischerwijs – heel weinig dialogen (Pi is het grootste deel van het verhaal de enige mens).
Het verhaal bestaat uit drie overzichtelijke delen en uit 100 hoofdstukken.

DE TAAL EN HET VERHAAL

Qua taal is ‘Life of Pi’ lastig, maar wel te begrijpen. Qua verhaal is het ook duidelijk. Maar wel mysterieus. De hele tijd vraagt de lezer zich af of dit wel kan, of dit wel is wat er echt is gebeurd. En aan het eind van de roman vraagt de ik-verteller zich dat ook af wanneer er andere feiten (hoewel: feiten?) in het verhaal van Pi komen.
Het verhaal of specifieke literaire middelen maken het verhaal niet moeilijk: de fantasie van de verteller (Pi) wel.
Op basis van deze eigenschappen is ‘Life of Pi’ een boek met een literair niveau C 5b en een taal-(ERK-)niveau C1.


Schrijfstijl:

‘Life of Pi’ is heel mooi geschreven. Het begint een beetje als caleidoscopisch verhaal, zoals Dickens en Hardy ze vertelden, en na hen Indiase schrijvers zoals Salman Rushdie, Arundhati Roy of Vikram Seth. Maar later lijkt het meer op de fantasierijke verhalen van schrijvers als David Mitchell of Jonathan Safran Foer.


Het boek - het verhaal

Actie:

De roman ‘Life of Pi’ is een verhaal met tamelijk veel actie. De reis over zee duurt heel lang en kent veel uren waarin niets gebeurt. Maar dat onderbreekt de spanning niet; Pi heeft continu te maken met allerhande problemen en gevaren. Waarvan het grootste gevaar een onberekenbare Bengaalse tijger, Richard Parker, is.

Tijd:

‘Life of Pi’ speelt zich af in ergens in de periode 1960 tot 2000. Het begint bij de geboorte van Pi, ergens in de jaren ’60 en het eindigt bij het vertellen van het verhaal ergens in 2000. Maar het verhaal gaat voornamelijk over het jaar 1977, het jaar waarin Pi over de oceaan dreef.
Het verhaal wordt min of meer chronologisch verteld. Maar het begint en eindigt in 2000; het echte verhaal is het persoonlijke verslag van Pi over zijn schipbreuk in 1977.

Plaats:

De roman ‘Life of Pi’ speelt zich af op meerdere plaatsen. Het verhaal begint en eindigt in de Canadese stad Toronto. Het eerste deel van het verhaal van Pi vindt plaats in de Indiase stad Pondicherry, een stad aan de westkust van India, ten zuiden van Madras. Het grootste deel van de roman gaat echter over de reis van Pi over de Grote Oceaan (the Pacific Ocean).

Verhaallijn:

Er is één belangrijke verhaallijn in ‘Life of Pi’: hoe kan de jongen Pi overleven, als enige mens op een reddingsloep, samen met een Bengaalse tijger?

Verteller:

De roman ‘Life of Pi’ heeft twee vertellers: een auctoriale verteller en een ik-verteller. De woorden van de auctoriale verteller worden cursief weergegeven. Het grootste deel van het verhaal wordt verteld in de eerste persoon (door Pi). Zijn verhaal is uiterst onbetrouwbaar wat veel later echt duidelijk wordt.


Het boek - de karakters

Hoofdkarakters:

De hoofdkarakters in ‘Life of Pi’ zijn:
• Pi (officieel: Piscine) Molitor Patel: een jongen uit Pondicherry in India. Hij is genoemd naar het Franse woord voor zwembad (‘piscine’) als eerbetoon aan zijn oom die hem zwemmen leerde. Zelf noemt hij zich naar het getal pi (wat het getal 3.14 enzovoort uitdrukt).

Bijfiguren:

De belangrijkste bijfiguren in ‘Life of Pi’ zijn:
• Santosh Patel: de vader van Pi;
• Gita Patel: de moeder van Pi;
• Ravi: de (oudere) broer van Pi;
• Mamaji: de oom van Pi, degene die hem leert zwemmen;
• Richard Parker: een Bengaalse tijger, ook een schipbreukeling;
• Orange Juice: een orang oetan, ook een schipbreukeling;
• Een gevlekte hyena, ook een schipbreukeling;
• Een zebra, ook een schipbreukeling.


Het boek - verder

Film:

De roman ‘Life of Pi’ is met veel special effects (en met veel succes) verfilmd.

Overig:

De roman ‘Life of Pi’ is een sprookje. Maar dan wel een heel modern en speciaal sprookje. Je zou het verhaal ook kunnen zien als een parabel, een allegorie of een zoektocht.
De roman ‘Life of Pi’ won de ‘Man Booker Prize’ in 2002.


^ Terug naar boven


Auteur en Werken

Informatie over Yann Martel.


^ Terug naar boven

Meer

Leessuggesties:

Als je dit een mooi boek vond, zou je ook kunnen lezen:
• I Am the Cheese van Robert Cormier
• Cloud Atlas van David Mitchell
• Extremely Loud & Incredibly Close van Jonathan Safran Foer


Citaat:
It was announced to us one evening during dinner. Ravi and I were thunderstruck. Canada? If Andra Pradesh, just north of us, was alien, if Sri Lanka, a monkey’s hop across a strait, was the dark side of the moon, imagine what Canada was. Canada meant absolutely nothing to us. It was like Timbuktu, by definition a place permanently far away. (p.79)

Vragen over het boek:

1. Waarom is het belangrijk voor het verhaal dat Pi drie geloven aanvaardt?
2. Waarom wil de vader van Pi emigreren en waarom op de manier waarop hij dat doet?
3. Wat is er ‘vreemd’ aan het vreemde eiland waarop Pi terechtkomt?
4. Als je het verhaal van Pi beschouwt als een parabel, waar staan die dieren en het vreemde eiland dan voor?



^ Terug naar boven