Roots

Niveau:
Genre: drama
Thema: comedy-of-manners

Getagd op:
Verkrijgbaar bij bol.com

SNEL NAAR...





Het begin

A rather ramshackle house in Norfolk where there is no water laid on, nor electricity , nor gas. Everything rambles and the furniture is cheap and old. If it is untidy it is because there is a child in the house and there are few amenities, so that the mother is too overworked to take much care.
An assortment of clobber lies around: papers and washing, coats and basins, a tin wash-tub with shirts and underwear to be cleaned, tilly lamps and primus stoves. Washing hangs on a line in the room. It is September.
Jenny Beales is by the sink washing up. She is singing a recent pop song. She is short, fat and friendly, and wears glasses. A child's voice is heard from the bedroom crying 'Sweet, Mamma, sweet.'
Jenny (good-naturedly): Shut you up Daphne and get you to sleep now. (Moves to get a dishcloth.)
Child’s voice: Daphy wan' sweet, sweet, sweet.
Jenny (going to cupboard to get sweet): My word child, Father come home and find you awake he'll be after you. (Disappears to bedroom with sweet.) There — now sleep, gal, don't wan' you grumpy wi' me in mornin'.
(Enter Jimmy Beales. Also short, chubby, blond though hardly any hair left, ruddy complexion. He is a garage mechanic. Wears blue dungarees and an army pack slung over his shoulder. He wheels his bike in and lays it by the wall. Seems to be in some sort of pain — around his back. Jenny returns.) Waas matter wi' you then?
Jimmy: I don' know gal. There's a pain in my guts and one a'tween my shoulder blades I can hardly stand up.

© Penguin Random House Company / Longman, 1967



^ Terug naar boven

Algemeen

De 22-jarige Beatie Bryant woont al een aantal jaren in Londen. Daar heeft ze werk – heel gewoon werk, maar toch – en ze heeft er een vriend. Een vriend die haar heeft geleerd om voor zichzelf op te komen. Zo weet ze nu dat arbeiders niet heel hun leven onderdanige burgers hoeven te zijn die alleen maar ja knikken. Als je weet wat je rechten zijn, dan kun je veel meer bereiken in het leven. De vriend van Beatie zal binnenkort eens langskomen bij zijn aanstaande schoonfamilie; dan kan hij het hen allemaal nog eens haarfijn komen uitleggen.
Het verhaal van Beatie slaat niet bij iedereen aan. Haar vader en haar zwager hebben het te druk met hun werk, haar moeder en haar zus hebben het druk met het huishouden. En de buurman drinkt het liefst heel veel. Een schone taak voor Beatie en haar verloofde dus.
Maar helaas loopt alles een beetje anders dan Beatie had gehoopt …



^ Terug naar boven

Boekinformatie

ERK Niveau:
B2

Schrijver:
Arnold Wesker

Jaar van uitgave:
1959

Aantal pagina's:
86

Tijd waarin het verhaal zich afspeelt:
1950-1960

Plaats van handeling:
UK, Norfolk, het platteland

Bijzonderheden:
Een toneelstuk in drie bedrijven.




^ Terug naar boven

Het boek - onderwerp

IS HET BOEK VOOR JOU INTERESSANT?

Het toneelstuk ‘Roots’ gaat over klasse en milieu: hoe kun je ontkomen aan je eenvoudige milieu? En zou je dat wel willen als het kon? Het verhaal geeft duidelijk de uitzichtloosheid aan van de klassenverschillen in Groot-Brittannië in de jaren vijftig van de vorige eeuw. Het past wat dat betreft heel goed in de (toneel)traditie van die tijd.


WAT MOET JE WETEN?

Voor het waarderen van ‘Roots’ moet je rekening houden met de plaats waar het zich allemaal afspeelt. Dit is het simpele, onderontwikkelde platteland ten noorden van Londen. Een regio waar de tijd lijkt te hebben stilgestaan. Het is niet de wereld van horigen en slaven, maar het heeft er wel veel van.
Opvallend is het dat de plaats die door de Londense dochter wordt gezien als de plek waar mensen zich kunnen verheffen – Londen uiteraard – eigenlijk ook niet zo ideaal is. Daar wordt wel veel gesproken over het verheffen van de massa, maar in feite gebeurt dit ook nauwelijks.





^ Terug naar boven

Het boek - Moeilijkheid

DE TAAL

De woorden en de zinnen in ‘Roots’ zijn heel goed te lezen. Wel wordt er veel in dialect – slang – gesproken, maar als je daar eenmaal aan gewend bent, is de taal heel goed te volgen. Wel worden er regelmatig vloek- en scheldwoorden gebruikt.


DE TAAL EN HET VERHAAL

Wat taal betreft is ‘Roots’ heel toegankelijk. De taal is niet netjes, maar wel heel direct.
Het verhaal is boeiend: hoe kunnen mensen zich ontworstelen aan hun eenvoudige milieu? En een bijkomende vraag: willen ze dat eigenlijk wel?
Op basis van deze eigenschappen is ‘Roots’ een boek met een literair niveau C 4b en een taal-(ERK-)niveau B2.


Schrijfstijl:

‘Roots’ is heel sober geschreven – weinig tekst, weinig uitleg. Maar een toneelstuk met een heel duidelijke boodschap.





^ Terug naar boven

Het boek - het verhaal

Actie:

Het toneelstuk ‘Roots’ bevat een verhaal met vrij weinig actie.


Tijd:

‘Roots’ speelt zich af in de jaren 1950-1960. In de regieaanwijzingen staat als jaartal 1958 aangegeven.


Plaats:

De setting van ‘Roots’ is een aantal eenvoudige huizen op het platteland van het graafschap Norfolk (ten noorden van Londen).


Verhaallijn:

Er is één belangrijke verhaallijn in ‘Roots’: zullen de karakters zich kunnen (en/of willen) ontworstelen aan hun milieu?


Verteller:

Het toneelstuk ‘Roots’ heeft (uiteraard) geen verteller. Wel zijn er – vaak uitgebreide – regieaanwijzingen.





^ Terug naar boven

Het boek - de karakters

Hoofdkarakters:

De hoofdkarakters in ‘Roots’ zijn:
• Beatie Bryant: een 22-jarige vrouw die al een aantal jaren in Londen woont en werkt. Ze heeft – net als haar familie – weinig opleiding genoten. Maar in tegenstelling tot die familie wil ze daar iets aan doen. Haar vriend, Ronnie Kahn, woont en werkt ook in Londen. Ook hij heeft daar een eenvoudige baan, maar hij heeft een duidelijk beeld van hoe de samenleving en de mensen daarin zich zouden moeten ontwikkelen;
• Daphne Bryant: de moeder van Beatie, Jenny en Frankie. Zij is een hardwerkende vrouw die weinig eisen aan het leven stelt. Ze krijgt heel weinig huishoudgeld van haar man;
• Jack Bryant: de vader van Beatie, Jenny en Frankie. Mr Bryant werkt op een boerderij waar hij varkens verzorgt. Hij doet dit al jaren, zeven dagen in de week – voor een hongerloontje.


Bijfiguren:

De belangrijkste bijfiguren in ‘Roots’ zijn:
• Jenny Beales: de zus van Beatie. Zij is getrouwd en heeft een drukke, chaotische huishouding. Veel eisen stelt ze niet aan het leven; het gaat zoals het altijd gaat in dit deel van het land met hun soort mensen (vindt zij);
• Jimmy Beales: de echtgenoot van Jenny. Een hardwerkende monteur;
• Frankie Bryant: de broer van Beatie;
• Pearl Bryant: de schoonzus van Beatie;
• Stan Mann: een buurman van Jimmy en Jenny. Hij had vroeger een goede baan, maar nu is hij al jaren alcoholist;
• Mr Healey, a manager at the farm: de zoon van de herenboer, de baas van Mr Bryant.





^ Terug naar boven

Het boek - verder


Film:

Het toneelstuk ‘Roots’ is niet verfilmd.


Overig:

‘Roots’ is een tweede deel uit een trilogie – dat echter heel goed als apart toneelstuk te lezen en te bekijken is. Het thema is overkoepelend en ook een paar karakters komen terug in de stukken – maar niet in dit tweede stuk, ‘Roots’. Een karakter waarover veel gesproken wordt, Ronnie, speelt een belangrijke rol in de andere stukken.




^ Terug naar boven

Auteur en Werken

Link naar pagina over auteur
-->Informatie over Arnold Wesker.

Auteur:

Werken:




^ Terug naar boven

Meer

Leessuggesties:

Als je dit een mooi boek vond, zou je ook kunnen lezen:
• Under Milk Wood van Dylan Thomas
• Look Back in Anger van John Osborne
• The Caretaker van Harold Pinter


Citaat:
Beatie [despairingly): I can't Mother, you're right — the apple don't fall far from the tree do it? You're right, I'm like you. Stubborn, empty, wi' no tools for livin'. I got no roots in nothing. I come from a family o' farm labourers yet I ent got no roots — just like town people — just a mass o' no thin'.
Frank: Roots, gal? What do you mean, roots?
Beatie [impatiently): Roots, roots, roots ! Christ, Frankie, you' re in the fields all day, you should know about growing things. Roots ! The things you come from, the things that feed you. The things that make you proud of yourself — roots!
Mr Bryant: You got a family ent you?
Beatie: I am not talking about family roots — I mean — the — I mean — Look ! Ever since it begun the world's bin growin' hasn't it? Things hev happened, things have bin discovered, people have bin thinking and improving and inventing but what do we know about it all? (pp.67-68)

Vragen over het boek:

1. Welke rol speelt Mr Bryant in het verhaal?
2. Welke rol speelt Stan Mann in het verhaal?
3. Wat zijn de overeenkomsten en verschillen tussen Mrs Bryant en Beatie Bryant?
4. Heeft het toneelstuk een happy end? Leg uit waarom je dat vindt.





^ Terug naar boven

No Comments

Leave a reply