Koop dit boek op Bol.com

The Moor’s Last Sigh
1 stemmen
Niveau:
GENRE: relations THEMA: family matters
Tagged on:                 



Boekbeschrijving

The Moor’s Last Sigh

Het begin

I have lost count of the days that have passed since I fled the horrors of Vasco Miranda's mad fortress in the Andalusian mountain-village of Benengeli; ran from death under cover of darkness and left a message nailed to the door. And since then along my hungry, heat-hazed way there have been further bunches of scribbled sheets, swings of the hammer, sharp exclamations of two-inch nails. Long ago when I was green my beloved said to me in fondness, 'Oh, you Moor, you strange black man, always so full of theses, never a church door to nail them to.' (She, a self-professedly godly un-Christian Indian, joked about Luther's protest at Wittenberg to tease her determinedly ungodly Indian Christian lover: how stories travel, what mouths they end up in!) Unfortunately, my mother overheard; and darted, quick as snakebite: 'So full, you mean, of faeces.' Yes, mother, you had the last word on that subject, too: as about everything.
'Amrika' and 'Moskva', somebody once called them, Aurora my mother and Uma my love, nicknaming them for the two great super-powers; and people said they looked alike but I never saw it, couldn't see it at all. Both of them dead, of unnatural causes, and I in a far-off country with death at my heels and their story in my hand, a story I've been crucifying upon a gate, a fence, an olive-tree, spreading it across this landscape of my last journey, the story which points to me. On the run, I have turned the world into my pirate map, complete with clues, leading X-marks-the-spottily to the treasure of myself. When my pursuers have followed the trail they'll find me waiting, uncomplaining, out of breath, ready. Here I stand. Couldn't 've done it differently.
(Here I sit, is more like it. In this dark wood – that is, upon this mount of olives, within this clump of trees, observed by the quizzically tilting stone crosses of a small, overgrown graveyard, and a little down the track from the Ultimo Suspiro gas station – without benefit or need of Virgils, in what ought to be the middle pathway of my life, but has become, for complicated reasons, the end of the road, I bloody well collapse with exhaustion.)
And yes, ladies, much is being nailed down. Colours, for example, to the mast. But after a not-so-long (though gaudily colourful) life I am fresh out of theses. Life itself being crucifixion enough.

^ Terug naar boven



Algemeen

De ‘Moor’ (Moraes Zogoiby) vertelt zijn levensverhaal. Maar ook dat van zijn familie. Aan het begin van het boek is hij aan het eind van zijn leven; hij is net weggegaan uit het grote huis van een oude vriend, Vasco Miranda, die al heel lang in Andalusië woont. De Moor is ernstig ziek: hij is altijd al kortademig geweest, maar bovendien wordt hij heel snel oud. Hij is razendsnel door zijn kleutertijd en pubertijd gegaan en zijn volwassen leven duurt waarschijnlijk niet lang meer. Vanaf een berg – de Ultimo Suspiro, waar de laatste Moorse koning van Andalusië volgens de overlevering naar het Alhambra in zijn stad Granada keek en daarna zijn laatste adem uitblies – kijkt de Moor terug op zijn leven.
Hij vertelt het verhaal vanaf zijn overgrootouders. De schatrijke Francisco da Gama, een Portugees, kwam in India in contact met Epifania Menezes. Hun zoon, Camoens da Gama, trouwde met Isabella Souza, een vrouw met profetische gaven, de oma van de Moor. Hun dochter, Aurora da Gama, trouwde met Abraham Zogoiby, een arme joodse handelaar. Zo ontstond er een familie van Rooms-Katholieke christenen, van hindoes en van joden. Het echtpaar Zogoiby kreeg vier kinderen: Ina, Minnie, Mynah en Moor ('eenie, meenie, miney, mo').
Het leven van de Moor wordt bepaald door de vrouwen om hem heen: zijn heks-achtige oma, zijn dominante moeder, zijn drie zussen, zijn geliefde. Het verhaal gaat van het platteland van India naar de grote stad (Bombay) en weer terug, van de huizen van de extreem rijken naar de sloppenwijken waar de onderwereldfiguren wonen, van de artistieke schilders naar de bijgelovige charlatans, van de joden naar christenen en de hindoes en van geluk naar diep verdriet.

^ Terug naar boven

Boekinformatie

ERK Niveau:
C1

Schrijver:
Salman Rushdie

Jaar van uitgave:
1994

Aantal pagina's:
434

Tijd waarin het verhaal zich afspeelt:
1876 – ca. 1990

Plaats van handeling:
India (platteland, Bombay), Spanje (Andalusië, platteland)

Bijzonderheden:
Een roman in 4 delen en in 20 hoofdstukken

^ Terug naar boven


Het boek - onderwerp

IS HET BOEK VOOR JOU INTERESSANT?

The Moor’s Last Sigh gaat over India, in de tijd toen het nog een kolonie van Engeland was, tot aan de tijd dat het al een aantal jaren zelfstandig was. Maar het gaat ook over misdaad en straf, over schuld en boete, over list en bedrog, moord en doodslag, politiek en oorlog, godsdienst en bijgeloof. Kortom, de meeste aspecten van het leven komen wel aan de orde in dit complexe verhaal.

WAT MOET JE WETEN?

Je hoeft als lezer niet zo veel van India te weten. Wel gaat Rushdie uit van een behoorlijke kennis van de wereld (zie de eerste alinea’s van het boek). Als je weinig algemene kennis hebt, zal je veel ontgaan. Ook is Rushdie een zeer literaire schrijver die allerlei lastige literaire middelen toepast: flashbacks en flash forwards, perspectiefwisselingen, ironie en sarcasme.


Het boek - Moeilijkheid

DE TAAL

De woorden zijn soms moeilijk; Rushdie gebruikt een uitgebreid scala aan woorden. De alinea’s zijn soms lang, de hoofdstukken zijn dat zeker ook. Elk van de vier delen is meer dan honderd pagina’s lang.

DE TAAL EN HET VERHAAL

The Moor’s Last Sigh is een complex boek. Het is aangrijpend, spannend en humoristisch, maar het is ook een razend moeilijk boek. Rushdie weet heel veel van de wereld: niet alleen van menselijke verhoudingen, maar ook van verhoudingen tussen volkeren, godsdiensten en verschillende klassen. Hij springt van een joods milieu naar een criminele stadsbende, van een hindoestaanse familie naar een verwesterde kunstenaar.  Hij citeert met evenveel gemak de Thora als Walt Disney en zijn bedekte ironie en satire zullen soms de minder ervaren lezer ontgaan. Daarnaast gebruikt hij een groot vocabulaire. Op grond van deze kwaliteiten is The Moor’s Last Sigh een boek op literair niveau C 6c en op taalniveau C1.


Schrijfstijl:

Rushdie schrijft humoristisch, maar ook is hij zeer erudiet. Hij gaat ervan uit dat de lezers zijn humor (ironie, sarcasme), maar ook zijn perspectief-, tijds- en plaats-wisselingen kunnen volgen, evenals zijn lange uiteenzettingen over het jodendom, het koloniale India, de complexiteit van de stad Bombay, enzovoort, enzovoort.


Het boek - het verhaal

Actie:

Het verhaal kent – ondanks de vele uiteenzettingen – veel actie: er zijn de nodige bad guys (en vooral ook girls) in het boek en er worden de nodige karakters gekwetst, mishandeld en omgelegd.

Tijd:

Het verhaal speelt zich in ongeveer honderd jaar af (van 1900 tot bijna 2000) met de nadruk op het leven van de Moor (vanaf 1957).

Plaats:

Er komen meerdere landen en plaatsen in de wereld aan bod (onder andere Andalusië in Spanje), maar de nadruk ligt op India: op het platteland in het zuidwesten en op het leven in de grote stad Bombay).

Verhaallijn:

Er zijn veel verhaallijnen: die van de ouders, grootouders en overgrootouders van de Moor. Maar zijn eigen verhaal is het belangrijkste.

Verteller:

De Moor – Moraes Zogoiby – is de verteller. Een onbetrouwbare verteller, dat wel. Hij kijkt met nu eens met liefde en dan weer met haat naar zijn familie en vrienden. En hij vertelt lang niet altijd de waarheid.


Het boek - de karakters

Hoofdkarakters:

De hoofdkarakters zijn –behalve de Moor – vooral zijn vrouwelijke familieleden: zijn moeder en oma en zijn overgrootmoeder. De mannen van de familie krijgen ook wel de nodige aandacht, maar toch veel minder dan de vrouwen. Een belangrijk karakter is ook Uma, de geliefde van de Moor.

Bijfiguren:

Andere figuren zijn de bedienden in de huizen van de Moor en zijn familie, de kunstenaar Vasco Miranda, onderwereldfiguren zoals Jimmy Cash, Cashondeliveri en veel andere dorps- en stadsgenoten.


Het boek - verder

Film:

The Moor’s Last Sigh is niet verfilmd.

Overig:

Salman Rushdie is nagejaagd en vervolgd vanwege het feit dat hij de islam en de profeet Mohammed zou hebben beledigd. Daarom leeft de schrijver al vanaf 1988 in ballingschap en woont hij op onbekende plaatsen op de aarde. Maar in een boek als The Moor’s Last Sigh laat hij merken hoe kritisch hij is op elke godsdienst; en vooral op de fanatieke aanhangers van zo’n godsdienst en op de oorlogen, ruzies en ellende waartoe fanatisme kan leiden. Voor Rushdie maakt het niet uit of zo’n fanatiekeling christen, hindoe, jood of moslim is: hij beschrijft al deze personen met de nodige humor en met het nodige sarcasme. Een vorm van humor waar wij als mensen (gelovigen of ongelovigen) veel van kunnen leren.


^ Terug naar boven


Auteur en Werken

Informatie over Salman Rushdie.


^ Terug naar boven

Meer

Leessuggesties:

Als je dit een mooi boek vond, zou je ook kunnen lezen:

  • A Passage to India van E.M. Forster
  • The God of Small Things van Arundhati Roy
  • Two Lives van Vikhram Seth

Citaat:
‘Cartoons,’ she told him, looking vague. ‘You go to the pictures? You read comic-cuts? Then that mouse, that duck, and what is the name of that bunny. Also that sailor and his saag saga. Maybe the cat that never catchoes the bird, or the other bird that runs too fast for the coy-oat. Give me boulders that only temporarily flattofy you when they drop down on your head, bombs that give black faces only, and running-over-empty-air-until-you-looko-down. Give me knottofied-up rifle-barrels, and bath-fuls of big gold coins. Never mind about harps and angels, forget all those stinking gardens; for my kiddies, this is the Paradise I want.’ (p.150)

Vragen over het boek:
  1. Welke rol speelt godsdienst in The Moor’s Last Sigh? In hoeverre zou het boek volgens jou anders zijn geweest wanneer het bijvoorbeeld over islamitische en – bijvoorbeeld – boeddhistische hoofdpersonen was gegaan?
  2. Wat heeft de ziekte van de Moor met het verloop van het verhaal te maken? Geef voorbeelden uit de tekst waarmee je het antwoord verduidelijkt.
  3. Geef een drietal voorbeelden van ironie in de roman. Leg uit waarom Rushdie juist hier de ironie heeft ingezet in het verhaal.
  4. Schets het beeld dat je krijgt van de Indiërs uit de roman. In hoeverre verschillen of zijn ze gelijk aan karakters uit een Engelse/Amerikaanse roman?


^ Terug naar boven