Koop dit boek op Bol.com

The Maze Runner, Book I – The Maze Runner
1 stemmen
Niveau:
GENRE: fantasy THEMA: dystopia
Tagged on:                 



Boekbeschrijving

The Maze Runner, Book I – The Maze Runner

Het begin

He began his new life standing up, surrounded by cold darkness and stale, dusty air.
Metal ground against metal; a lurching shudder shook the floor beneath him. He fell down at the sudden movement and shuffled backwards on his hands and feet, drops of sweat beading on his forehead despite the cool air. His back struck a hard metal wall; he slid along it until he hit the corner of the room. Sinking to the floor, he pulled his legs up tight against his body, hoping his eyes would soon adjust to the darkness.
With another jolt, the room jerked upwards like an old lift in a mine shaft.
Harsh sounds of chains and pulleys, like the workings of an ancient steel factory, echoed through the room, bouncing off the walls with a hollow, tinny whine. The lightless lift swayed back and forth as it ascended, turning the boy’s stomach sour with nausea; a smell like burnt oil invaded his senses, making him feel worse. He wanted to cry, but no tears came; he could only sit there, alone, waiting.
My name is Thomas, he thought.
That … that was the only thing he could remember about his life.
He didn’t understand how this could be possible. His mind functioned without flaw, trying to calculate his surroundings and predicament. Knowledge flooded his thoughts, facts and images, memories and details of the world and how it works. He pictured snow on trees, running down a leaf-strewn road, eating a burger, the moon casting a pale glow on a grassy meadow, swimming in a lake, a busy city square with hundreds of people bustling about their business.

^ Terug naar boven



Algemeen

Thomas wordt met een lift naar een vreemde plek gebracht. Hij weet niet waar hij vandaan komt, wie zijn ouders zijn, hoe zijn achternaam is of hoe oud hij is; hij weet alleen dat hij Thomas heet.
Als de lift (‘The Box’) open gaat, staat hij oog in oog met zo'n veertig, vijftig jongens, variërend in de leeftijd van twaalf tot ongeveer achttien jaar. Ze staan op een groot veld, de ‘Glade’. Eromheen liggen een eetzaal (‘Homestead’), een slaapzaal, een ziekenzaal, een kaartenkamer (‘Map Room’), een boerderij, een moestuin, een bos met een begraafplaats (‘Deadheads’) en een doolhof (‘The Maze’). De jongens werken op het land, ze maken de zalen en het veld schoon, ze verzorgen en slachten het vee (in de ‘Blood House’), ze verbouwen groenten (in de ‘Gardens’) – wat ze verder nog nodig hebben (extra voedsel, kleding, schoenen) wordt per lift bij hen bezorgd. Maar door wie?
Elk ‘beroep’ bestaat uit een groep jongens, geleid door een ‘Keeper’. Er is één groot probleem in de Glade: geen van de jongens heeft een idee waar ze zich bevinden en waarom ze daar zijn. Daarom is er nog een speciale groep, de ‘Runners’; jongens die elke dag door het doolhof rennen om een uitweg te vinden. Maar tot nu toe – en de groep bestaat al een jaar of twee – is er geen enkele aanwijzing dat er een uitweg uit het doolhof is.
Voor Thomas is alles een raadsel, net als voor alle andere jongens die soms al twee jaar in de Glade wonen. Thomas weet zich al snel te onderscheiden in de groep en de leiders zien dat hij veel talenten heeft. Thomas zou graag Runner worden. Maar wanneer hij zich bij het vallen van de avond in het doolhof bevindt met een paar andere jongens, sluiten de poorten zich. En Thomas ziet zijn eerste ‘Griever’: een machineachtig monster dat rent, klimt, krijst, prikt en doodt.
Een dag na de komst van Thomas komt er een meisje met de lift naar boven. Deze Teresa ligt lang in coma. Maar via het overbrengen van gedachten krijgt Thomas door dat zij hem op de een of andere manier kent. En terwijl het leven in de Glade hoe langer hoe gevaarlijker wordt – de poorten sluiten zich niet meer ’s nachts, de zon schijnt niet meer, Grievers vallen de jongens in hun slaapplaatsen aan – beseft Thomas dat Teresa en hij misschien de enigen zijn die de sleutel tot de oplossing van het mysterie hebben …

^ Terug naar boven

Boekinformatie

ERK Niveau:
B1

Schrijver:
James Dashner

Jaar van uitgave:
2009

Aantal pagina's:
371

Tijd waarin het verhaal zich afspeelt:
Een fantasietijd

Plaats van handeling:
Een fantasieplaats

Bijzonderheden:
Een young adult novel in 62 hoofdstukken, afgesloten met een epiloog

^ Terug naar boven


Het boek - onderwerp

IS HET BOEK VOOR JOU INTERESSANT?

De young adult novel ‘The Maze Runner’ is een geweldig spannend verhaal. Vooral voor de liefhebbers van fantasy en sciencefiction. Het is zo’n verhaal dat zich nergens in de wereld kan afspelen – terwijl het toch allemaal heel gewone (jonge) mensen zijn die de hoofdrollen spelen. De jongeren – het zijn vrijwel allemaal jongens met één (maar een heel belangrijk) meisje – lijken in een uitzichtloze situatie terechtgekomen te zijn. Het duurt één boek (van 371 bladzijden lang) om te weten te komen of ze ooit de vrijheid zullen bereiken buiten hun angstaanjagende gevangenis.
En als je echt wilt weten hoe het met Thomas verder gaat, dan moet je hierna nog drie – even dikke – boeken door om daar achter te komen. Een hele opgave – maar wel een bijzonder spannende …

WAT MOET JE WETEN?

Voor het begrijpen van ‘The Maze Runner’ heb je niet veel specifieke kennis nodig. Het verhaal gaat onder andere over telepathie, maar James Dashner legt precies uit hoe zoiets werkt in dit verhaal. Het gaat ook over vreemde wezens, rare doolhoven en eigenaardige raadsels – maar ook dat wordt goed uitgelegd.
‘The Maze Runner’ is niet een verhaal voor tere zieltjes: er wordt – vooral door de monsters, de ‘Grievers’ – het (on)nodige geweld gepleegd. Ook vallen er verschillende doden; bereid je daar maar op voor.


Het boek - Moeilijkheid

DE TAAL

De woorden en de zinnen in ‘The Maze Runner’ zijn niet erg moeilijk. Je moet wel een aantal jaren Engels hebben gelezen, dat wel. Maar dan zul je het boek zeker aankunnen. De alinea’s zijn niet lang en er zijn heel veel (63) korte hoofdstukken (van soms maar een paar pagina’s). Ook zijn er veel dialogen.
Mr Dashner laat de jongens een aantal eigenaardige woorden gebruiken, een soort jongerentaal die alleen zij maar gebruiken: ‘klunk’ (voor rotzooi), ‘shank’ (vent, kerel), ‘shuck-face’ (rotkop), ‘bugging’ (vervloekte), ‘Greenbean’, ‘Newbie’ (groentje).

DE TAAL EN HET VERHAAL

De taal van ‘The Maze Runner’ is zeker niet moeilijk; het is een heel leesbaar boek. Vooral de zeer korte hoofdstukken zijn een verademing als je het boek vergelijkt met veel andere fantasy-boeken.
Het verhaal is ongelooflijk spannend. Je rolt van de enige spannende en spectaculaire gebeurtenis in de andere. Je leeft mee met de sympathieke hoofdpersoon die ook niet weet wat hem overkomt (maar die dit eigenlijk wel zou moeten weten – hij is hier al waarschijnlijk eerder geweest …).
Op basis van deze eigenschappen is ‘The Maze Runner’ een boek met een literair niveau B 3c en een taal-(ERK-)niveau B1.


Schrijfstijl:

De roman ‘The Maze Runner’ is heel spannend geschreven. Hoewel er de nodige doden vallen is het toch geen extreem gewelddadig boek geworden. Veel van het geweld heeft al plaatsgevonden wanneer er iets vreselijks is gebeurd. Wel is er een enorme strijd tussen de jongens (de ‘Gladers’) en de monsters (de ‘Grievers’), maar dat lijkt qua actie en geweld nog het meest op een veldslag zoals Tolkien ze ook vaak beschreef.


Het boek - het verhaal

Actie:

De roman ‘The Maze Runner’ is een verhaal met zeer veel actie. Die actie bestaat uit gevechten van jongens met de monsters om hen heen, maar ook uit de onderlinge strijd tussen de jongeren (die elkaar lang niet altijd vertrouwen). Het boek heeft heel veel hoofdstukken – en in elk hoofdstuk gebeurt wel iets spannends.

Tijd:

‘The Maze Runner’ speelt zich af ergens in een fantasietijd. Het zou in de toekomst kunnen zijn; er zijn technische ontwikkelingen die (nog) niet bestaan.  Maar het zou ook zo maar op een andere planeet kunnen zijn (waar ‘gewone’ aardse jongens zijn terechtgekomen).

Plaats:

De setting van ‘The Maze Runner’ is een fantasieplaats. Het is ‘The Glade’, een vrij idyllische met gras bedekte plaats omringd door kleine gebouwtjes en onvoorstelbaar hoge muren. In die gebouwen eten, werken en slapen de jongens. Er is een keuken, een slagerij, een kleine gevangenis en een klein ziekenhuis, een zaal waar plattegronden worden bewaard. Maar aan de rand van de Glade is ook een boerderij met stallen, een moestuin en een bos met in het midden een kleine begraafplaats. In elk van de vier hoge muren bevindt zich een poort. Die gaat ’s morgens open en bij het vallen van avond gaat hij weer dicht. Niemand kan er dan meer in of uit. Achter de muren bevindt zich ‘the Maze’: een enorm doolhof waar nog nooit – ook niet na twee jaar verkennen – een jongen een uitweg heeft gevonden. In de Maze bevinden zich levensgevaarlijke monsters (machines?), de ‘Grievers’ die alles prikken en doden wat zich na zonsondergang in de Maze bevindt.

Verhaallijn:

Er is één belangrijke verhaallijn in ‘The Maze Runner’: zal het Thomas en de zijnen lukken om ooit te ontsnappen uit de Glade en uit de Maze?

Verteller:

De roman ‘The Maze Runner’ heeft een alwetende verteller. Deze vertelt het verhaal vanuit het perspectief van Thomas.


Het boek - de karakters

Hoofdkarakters:

De hoofdkarakters in ‘The Maze Runner’ zijn:
• Thomas: een 17-jarige jongen die als laatste jongen in The Glade terechtkomt. Hij weet niet hoe hij verder heet, wie zijn ouders zijn en wat hij in The Glade komt doen (net als alle andere jongens trouwens). Wel heeft hij het gevoel dat hij hier ooit eerder is geweest;
• Alby: de 17-jarige leider van de Gladers. Hij heeft een donkere huidskleur. Hij is een goede, maar heel strenge leider;
• Newt: de leider na Alby. Hij is hartelijker dan Alby; bij een actie als Runner is hij gewond geraakt aan zijn been waardoor hij niet hard meer kan lopen;
• Chuck: een ongeveer 12-jarige, vrij dikke jongen. Hij is niet zo slim en hij heeft vaak heimwee naar een huis dat hij zich niet kan herinneren. Thomas beschouwt hem als zijn beste vriend (en dat is wederzijds);
• Minho: een 18-jarige Aziatische jongen; de Keeper of the Runners;
• Teresa: een ongeveer 16-jarig meisje dat via de lift na Thomas in de Glade terechtkomt. Ze ligt een tijdje in coma. Thomas vermoedt dat hij haar kent op de een of andere manier, maar hij weet niet van waar en van wanneer.

Bijfiguren:

De belangrijkste bijfiguren in ‘The Maze Runner’ zijn:
• Gally: een 15-jarige jongen, lang en mager. Vanaf het begin heeft hij een hekel aan Thomas;
• Clint en Jeff: de ‘Med-Jacks’, de verpleegkundigen;
• Frypan: de 16-jarige Keeper of the Cooks;
• Ben: een jongen die ‘The Changing’ heeft meegemaakt – een aandoening waardoor zijn verstand is aangetast (veroorzaakt door een prik van een Griever);
• Winston the Butcher: Keeper of the Blood House, de verzorger en de slachter;
• Zart: Keeper of the Track-hoes, de leider van de werkers in de moestuin;
• Andere Keepers: leiders van een groep jongens – zoals de Builders (bouwvakkers), Sloppers (schoonmakers), Map-makers (kaartenmakers);
• Andere inwoners van The Glade, allemaal jongens, ongeveer tussen twaalf en achttien jaar oud.


Het boek - verder

Film:

‘The Maze Runner’ is in 2014 verfilmd, met in de hoofdrollen Dylan O’Brien, Kaya Scodelario en Thomas Sangster.

Overig:

De roman ‘The Maze Runner’ is het eerste deel uit de Maze Runner-serie. De serie bestaat uit:
1. The Maze Runner (2009)
2. The Scorch Trials (2010)
3. The Death Cure (2011)
4. The Kill Order (2012)


^ Terug naar boven


Auteur en Werken

Informatie over James Dashner.


^ Terug naar boven

Meer

Leessuggesties:

Als je dit een mooi boek vond, zou je ook kunnen lezen:
• The Maze Runner, Book 2: The Scorch Trials van James Dashner
• The Hunger Games, Book I: The Hunger Games van Suzanne Collins
• Noughts & Crosses van Malorie Blackman


Citaat:
Thomas stared at the spot where Minho had vanished.
A sudden dislike for the guy swelled up inside him. Minho was a veteran in this place, a Runner. Thomas was a Newbie, just a few days in the Glade, a few minutes in the Maze. Yet of the two of them, Minho had broken down and had panicked, only to run off at the first sign of trouble. How could he leave me here? Thomas thought. How could he do that?
The noises grew louder. The roar of engines interspersed with rolling, cranking sounds like chains hoisting machinery in an old, grimy factory. And then came the smell – something burning, oily. Thomas couldn’t begin to guess what was in store for him; he’d seen a Griever, but only a glimpse, and through a dirty window. What would they do to him? How long would he last? (p.117)

Vragen over het boek:

1. Wat is volgens jou de functie van de ‘Grievers’?
2. Hoe weet Thomas dat hij Teresa al eerder heeft ontmoet?
3. Waarom kiest Thomas uiteindelijk voor ‘the Griever Hole’?
4. Beschrijf de karakters van Alby en Newt.



^ Terug naar boven