God Knows

Niveau:
Genre: history
Thema: religion

Getagd op:
Verkrijgbaar bij bol.com

SNEL NAAR...





Het begin

Abishag the Shunammite washes her hands, powders her arms, removes her robe, and approaches my bed to lie down on top of me. I know even as she takes gentle possession of me with her small arms and legs and with her tiny plump belly and fragrant mouth that it will do no good. My shivering will continue, and she will fear she has failed me again. The chills that rack me grow from within. Abishag is beautiful. They tell me the child is a virgin. So what? I've had beautiful virgins before and felt I'd wasted my time. Both women I've loved most in my life were married when I met them and had learned how to please me through living with their first husbands. Both times I was lucky, for their husbands died at just the right time for me. Abishag the Shunammite is a comely, tidy girl of yielding and obedient nature and quiet, graceful motions. She bathes each morning, each afternoon, and each evening. She rinses her hands and washes her feet more often than that and scrupulously cleans and perfumes beneath her arms each time before she draws near to feed me, cover me, or lie with me. She is slight and delicate in body and very young, with a smooth and dusky complexion, glossy, straight black hair combed back and downward and rolling outward at her shoulders into an even curl, and very large, meek inviting eyes with huge whites and dark irises that are almost the shade of ebony.
Even so, I would rather have my wife, who asks to see me now at least twice a day. But she comes only in anxious concern for her life and for the safety and future high station of her son after, so to speak, I am no longer among the quick. She does not care about me and probably never really did. She wants her son to be king. Fat chance. He's my son too, of course; but I have others – more, I think, than I have memory left to name should I ever try to list them. The older I get, the less interest I take in my children and, for that matter, in everyone and everything else. Who gives a damn for the country? My wife, large and wide-hipped, is a breathing contrast to Abishag in almost every vital respect. Unlike Abishag, she habitually has an unfriendly stare for everyone, and her eyes are blue, small, and keen. Her skin is fair, and she still dyes her hair yellow with that mixture of saffron and loosestrife she perfected eons back after decades of trying. Tall, brazen, selfish, and formidable, she is more than a match for the shy servant girl and subjects her frequently to rude looks of inspection. With the native instinct of the born connoisseur, her scornful eye asserts confidently that she was always more knowledgeable than Abishag when it came to men. Probably she still is. And probably she always will be. But she has long since given all that up.

© Dell Publishing Co., Inc./Alfred A. Knopf, Inc., 1984.



^ Terug naar boven

Algemeen

Koning David is oud, ziek en moe. Hij heeft alles gehad en gekend en bereikt, maar van zijn macht en kracht is weinig meer over. Hij had veel vrouwen, minnaressen, kinderen, overwinningen en veel steun van zijn volk en zijn leger. Maar nu lijkt het rijk Israël af te brokkelen: zoons, vrouwen en minnaressen ruziën met elkaar (of ze leven niet meer) en het koninkrijk wordt bedreigd. David wordt alleen getroost door de jonge Abishag, zijn laatste minnares. Maar hij verlangt nog altijd naar zijn achtste vrouw, Bathseba – die alleen maar geïnteresseerd is in Davids opvolging door haar zoon, de (volgens David) slapjanus Solomon (Salomo).
Terugblikkend overdenkt King David zijn leven en dat van zijn illustere voorgangers. Israël werd machtig gemaakt door de God van de joden – en in mensenvorm door Abraham, Izaäk, Jacob, Jozef, Moses en vele anderen. Allen passeren de revue in een lange klacht van David, als één lang klaaglied. Ook de voorganger van David komt aan de beurt. King Saul was een machtige vorst – de eerste Israëlische – totdat Goliath en de Filistijnen het land bedreigden. En David was de redder des vaderlands. Hij won de strijd: Saul stierf later en David nam het rijk over. Hij kreeg alles: macht, geld, grondgebied, vrouwen, minnaressen. Maar nu lijkt David onder te gaan – samen met zijn land.
En dat neemt hij God kwalijk …



^ Terug naar boven

Boekinformatie

ERK Niveau:
C1

Schrijver:
Joseph Heller

Jaar van uitgave:
1983

Aantal pagina's:
398

Tijd waarin het verhaal zich afspeelt:
1010-970 vóór Christus

Plaats van handeling:
Israël, Jeruzalem

Bijzonderheden:
De roman bestaat uit 13 delen en uit veel genummerde hoofdstukken.
In het Nederlands heet het boek ‘God weet’.




^ Terug naar boven

Het boek - onderwerp

IS HET BOEK VOOR JOU INTERESSANT?

De historische roman ‘God Knows’ is meer dan een verhaal over geschiedenis. Het is bovenal het levensverhaal van Koning David, de vorst die het joodse volk regeerde van 1010 tot 970 vóór Christus. Maar het is tevens een geschiedenis van het joodse volk, diens leiders en koningen, en de band met hun God.
Je moet daarom geïnteresseerd zijn in beide thema’s: geschiedenis en godsdienst. En dan heb je een informatief en gedegen boek: soms humoristisch, soms schokkend, altijd leerzaam.


WAT MOET JE WETEN?

‘God Knows’ is niet bestemd voor traditionele christenen of joden. Het boek kan voor die groepen als blasfemisch worden ervaren: een kwade oude man (King David) die niet alleen met en over zijn vrouwen en minnaressen praat, maar die ook tegen God praat en Hem daarbij van alles en nog wat verwijt. Voor een aantal lezers dus niet geschikt: anderen zullen bedenken dat joodse schrijvers wel vaker direct met en tegen God spraken – bovendien spraken veel Bijbelse figuren (zoals deze Koning David) in de Bijbel regelmatig met God.





^ Terug naar boven

Het boek - Moeilijkheid

DE TAAL

De woorden en de zinnen in ‘God Knows’ zijn lastig, de taal is complex, maar vaak ook poëtisch. En heel vaak Bijbels: het is alsof David een nieuw Bijbelboek aan het schrijven is: het eerste dat naar hem genoemd wordt. Maar dat zal niet gebeuren: David is te kritisch op de God van Israël.
De alinea’s en de hoofdstukken zijn behoorlijk lang. Er zijn weinig dialogen – maar wel vaak humoristische.
Wees er beducht op dat David expliciet spreekt over zijn contacten met zijn vele vrouwen en minnaressen: die scenes kunnen als schokkend worden ervaren – opnieuw minder geschikt voor voor traditionele joden of christenen.


DE TAAL EN HET VERHAAL

Wat taal betreft is ‘God Knows’ niet een gemakkelijk boek om te lezen.
Het verhaal is dat soms ook. Voor kenners van de Bijbel is het een kritische, maar interessante – en regelmatige humoristische – kijk op het joodse (en daarmee vaak ook op het christelijke) geloof. Veel feiten zou je kunnen kennen uit de Bijbel, maar veel wordt er ook door de Bijbelvaste Joseph Heller bij gefantaseerd.
Op basis van deze eigenschappen is ‘God Knows’ een boek met een literair niveau C 5c en een taal-(ERK-)niveau C1.


Schrijfstijl:

‘God Knows’ is een ironisch en vaak satirisch verhaal over een ooit machtige, maar nu vaak sikkeneurige en zeker teleurgestelde koning die veel ruzie heeft gemaakt met zijn God, degene die hem op de troon hielp. Het verhaal is in grote lijnen gebaseerd op de Bijbelboeken Samuel I en II (Samuel I and II), Koningen (Kings) en Kronieken (Chronicles), maar er zijn ook verwijzingen naar oudere boeken (Genesis, Exodus en de andere boeken uit de Thora) en naar latere Bijbelboeken (Psalmen, Spreuken, Hooglied en Prediker).





^ Terug naar boven

Het boek - het verhaal

Actie:

De historische roman ‘God Knows’ is een verhaal met een beperkte hoeveelheid actie. Wel zijn er veel verwijzingen naar en herinneringen aan vroeger tijden waarin veel gebeurde: veld- en aanslagen, vrij- en moordpartijen …


Tijd:

‘God Knows’ speelt zich af in de jaren 1010-970 vóór Christus. Het verhaal gaat vooral over de regeerperiode van King David. Maar er zijn ook veel flashbacks naar diens jeugd, veel herinneringen aan andere, oudere joodse machthebbers en aartsvaders.
Verder staat het verhaal bol van de anachronismen: David spreekt alsof hij uit de twintigste eeuw neerkijkt op zijn eigen leven: hij noemt beelden en schilderijen van hemzelf uit de Renaissance, hij citeert meerdere Engelstalige schrijvers.


Plaats:

De setting van ‘God Knows’ is de joodse hoofdstad Jeruzalem, de plaats waar het paleis van King David stond. David vertelt verder over andere plaatsen in Juda (of Kanaän) waar hij of andere leiders allerlei politieke, militaire of persoonlijke confrontaties aangingen.


Verhaallijn:

Er is één belangrijke verhaallijn in ‘God Knows’: hoe zal King David erin slagen in het reine te komen met God en met de mensen om hem heen?


Verteller:

De roman ‘God Knows’ heeft een ik-verteller (King David), wat soms zorgt voor een onbetrouwbaar perspectief.





^ Terug naar boven

Het boek - de karakters

Hoofdkarakters:

De hoofdkarakters in ‘God Knows’ zijn:
• King David: de tweede koning van Israël. Hij is een herdersjongen die gezalfd wordt tot toekomstige koning. Maar dan moet hij eerst een reus doden en de macht overnemen van King Saul. David wordt een machtige en geliefde koning, een legerleider, een dichter, een voorbeeld voor alle Joden – maar ook een man met geheime agenda’s, met een voorliefde voor veel vrouwen. Als het verhaal begint, is David een oude, zwakke man die ruzie heeft met zijn vroegere helper: God. En God spreekt hij regelmatig aan op allerlei misstanden en onvolkomenheden;
• Bathseba: de 8e vrouw van David. Een mooie, maar berekenende echtgenote. Zij was getrouwd met de legerofficier Uriah toen David haar verleidde (of was het andersom?). Na de dood van (of was het de moord op?) Uriah treedt zij toe tot de harem van David. Zij is de moeder van de latere koning, Salomo (Solomon). Hoewel ze niet langer van David houdt (was dat ooit wel het geval?) is hij nog altijd verliefd op haar;
• Abishag the Shunammite: een mooi, jong meisje dat David dagelijks verzorgt. Zij lijkt echt van David te houden en David is gek op haar – hoewel hij haar niet fysiek kan liefhebben;
• King Saul: de eerste Israëlische vorst. Wanneer David hem ontmoet, is hij al een ouder en moegestreden man; bovendien is hij in ongenade gevallen bij God en bij de profeet Samuel.


Bijfiguren:

De belangrijkste bijfiguren in ‘God Knows’ zijn:
Tijdgenoten van David:
• Samuel: de profeet die Saul en daarna David tot koning zalft, in opdracht van God;
• Goliath: de reusachtige strijder van de Filistijnen (Philistines), een ogenschijnlijk onoverwinnelijke strijder. Maar David verslaat hem – met zijn herdersslinger: hij doodt Goliath met een steen en hakt daarna zijn hoofd eraf;
• Kinderen van David (een selectie): Amnon (de oudste), Tamar (een dochter), Absalom (haar broer, de favoriet van David), Adonijah, Salomo(n) (de uiteindelijke troonopvolger);
• Nathan: de profeet van David en zijn hofhouding. King David zelf heeft niet zo’n hoge pet op van deze man die veel onheil voor King David en zijn rijk aankondigt;
• Abner: een legerleider van King Saul, later van David;
• De vrouwen van David (behalve Bathseba en Abishag): Michal (de eerste, de dochter van Saul), Abigail (een favoriete, zachtaardige vrouw), Ahinoam, Maccah, Haggith;
• De broers, neven en medestrijders van David: Eliab, Abinadab, Shammah (broers); Joab (de belangrijkste legerleider van David), Abishai, Asahel (neven); Amasa, Benaiah (medestrijders);
• Jonathan: de zoon van Saul en een goede vriend (of meer?) van David.
Voorvaderen van David en/of oude Israëlieten:
• Abraham: de eerste aartsvader van het volk Israël. Hij is al in de negentig wanneer hij nog kinderloos is. Daarna wordt hij de vader van Ismaël (en daarmee de voorvader van de latere Moslims) en van Isaac (en daarmee de voorvader van de latere Joden);
• Jacob: de kleinzoon van Abraham, de zoon van Izaäk (Isaac). Jacob krijgt veel zonen, de voorvaderen van de stammen van Israël. Jacob wordt later ‘Israël’ genoemd;
• Jozef: de lievelingszoon van Jacob, de op één na jongste zoon. Hij wordt verkocht als slaaf naar Egypte waar hij de tweede machtigste man wordt – na de Pharao (Farao). Op die manier kan hij zijn broers en nakomelingen helpen – door ze naar Egypte te laten komen;
• Moses: de stotterende verlegen man die van God de opdracht krijgt om zijn volk uit Egypte te leiden, via de woestijn naar het beloofde land (Kanaän, het latere Israël).





^ Terug naar boven

Het boek - verder


Film:

De roman ‘God Knows’ is niet verfilmd.


Overig:

‘God Knows’ is de vierde roman van Joseph Heller, een semi-historisch verhaal over een legendarische koning der joden.
Het boek heeft verwijzingen naar en citaten van beroemde schrijvers als William Shakespeare, John Keats, Percy Bysshe Shelley en Bob Dylan.




^ Terug naar boven

Auteur en Werken

Link naar pagina over auteur
-->Informatie over Joseph Heller.

Auteur:

Werken:




^ Terug naar boven

Meer

Leessuggesties:

Als je dit een mooi boek vond, zou je ook kunnen lezen:
Seize the Day van Saul Bellow
The Slave van Isaac Bashevis Singer
God’s Grace van Bernard Malamud


Citaat:
What a stirring day that was! The event transformed the city of David into the city of God, and Jerusalem continues as a center of worship even now. Where the ark was, there was God. Where the ark is today, God knows. (p.296)

Vragen over het boek:

1. Wat zijn de verschillen en de overeenkomsten tussen Bathseba en Aibishag the Shunammite?
2. Hoe is de relatie tussen David en King Saul?
3. Heeft King David gelijk in zijn verwijten naar God? Verklaar je antwoord met behulp van een paar citaten uit de tekst.
4. Verklaar de titel van het boek, ‘God Knows’.





^ Terug naar boven

No Comments

Leave a reply